woensdag 22 mei 2013

Mini appeltaartjes







Als je een keer appeltaart wilt maken, probeer eens éénpersoons-taartjes te maken.
Je hebt dan ramekins of mini-cocottes nodig.

Verwijder ze heel voorzichtig of laat ze in de mooie aardewerk vormpjes wanneer je ze als dessert wilt opdienen.

Je kunt ze maken met de bekende bakmixen (helft van een pak) uit de supermarkt of je maakt zelf het deeg!


Nodig voor 4
50 gr boter op kamertemperatuur
50 gr suiker
1/2 zakje vanillesuiker
1/2 ei
100 gr bloem
snufje bakpoeder
1 citroen
2 stevige friszure appels
handje rozijnen, geweld in warm water
abrikozenjam
75 gr geschaafde amandelen, geroosterd
rietsuiker
kaneel

ramekins of mini-cocottes

Meng de boter, basterd- en vanillesuiker met een snufje zout in een kom totdat het goed gemengd is. Voeg het ei toe en meng goed. Voeg de bloem en het bakpoeder toe en meng tot een mooi soepel deeg, maar kneed niet te lang. Leg afgedekt 1 uur in de koelkast.

Verwarm de oven voor op 160 graden.
Rol het deeg op een licht met bloem bestoven werkvlak uit tot een ronde dunne lap
en bekleed de vormpjes ermee. Hou wat deeg achter voor de afwerking van de taartjes.

Schil de appels, boor het klokuis eruit met een appelboor en snij de appels in kleine blokjes.
Schep de plakjes appel om met een paar druppels citroensap. Bestrooi met rietsuiker en kaneel. Meng de rozijnen er doorheen.

Schep de appelblokjes in de beklede vormpjes. Maak van het achtergehouden deeg lange slierten en drapeer ze over de taartjes heenl. Maak een ruitpatroon van de sliertjes.

Bak de taartjes in het midden van de oven in ongeveer 40 (hou dit in de gaten!) goudbruin en gaar.
Haal  uit de oven.

Verwarm wat lepels jam en meng met een beetje citroensap. Bestrijk de nog warme taartjes met een kwastje met de jam en bestrooi met amandelschaafsel.

Laat de taartjes helemaal afkoelen of serveer lauwwarm met een bolletje ijs als nagerecht.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen